Ontvang gratis onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte!
Mousserende wijn is simpel gezegd wijn die koolzuurgas bevat, waardoor er bubbels (of 'mousse') ontstaan zodra je de fles ontkurkt. Hoewel we vaak meteen aan champagne denken, is champagne slechts één specifieke (en beroemde) soort mousserende wijn uit Frankrijk. Mousserende wijnen worden overal ter wereld gemaakt, van Spanje tot Zuid-Afrika, en van Italië tot Duitsland.
Het geheim van mousserende wijn zit hem in de tweede gisting. Nadat de basiswijn is gemaakt, wordt er suiker en gist aan toegevoegd. Dit zorgt voor een nieuwe fermentatie in een afgesloten ruimte, waarbij de vrijkomende koolzuurgas niet kan ontsnappen en dus oplost in de wijn.
Er zijn grofweg drie hoofdmethoden om dit te bereiken:
De traditionele methode (Méthode Traditionnelle / Champenoise): De konᵢnnekeonder de methoden, gebruikt voor Champagne, Cava en Crémant. De tweede gisting vindt plaats op de fles zelf. Na een vaak lange rijping op de gistresten worden de flessen met de hand of machinaal gedraaid (remuage) om het bezinksel naar de hals te krijgen. Ditproces zorgt voor complexe, diepe aroma's van brioche, toast en noten.
De tankmethode (Méthode Charmat): Hierbij vindt de tweede gisting plaats in grote roestvrijstalen tanks in plaats van op de individuele fles. Deze methode wordt gebruikt voor frisse, fruitige mousserende wijnen zoals Prosecco en Asti. Het resultaat is een levendige wijn waarbij het primaire fruittype prachtig behouden blijft.
De transfermethode of koolzuurtoevoeging: Bij goedkopere varianten wordt er soms simpelweg koolzuurgas (net als bij limonade) aan de wijn toegevoegd. Dit levert eenvoudige, grovere bubbels op.
Elk land en elke streek heeft zijn eigen trots als het gaat om bubbels:
Champagne (Frankrijk): Gemaakt volgens de traditionele methode in de gelijknamige streek, vaak op basis van Chardonnay, Pinot Noir en Meunier. Elegant, complex en mineraal.
Cava (Spanje): De Spaanse tegenhanger, voornamelijk afkomstig uit de Penedès-regio en gemaakt van typische druiven als Macabeo, Xarel·lo en Parellada. Vaak fruitiger en frisser van stijl.
Prosecco (Italië): Gemaakt van de Glera-druif in de Veneto-streek. Bekend om zijn toegankelijke, bloemige en fruitige karakter (perzik, groene appel).
Crémant (Frankrijk): Franse mousserende wijnen die buiten de Champagne-streek (zoals de Elzas, Bourgogne of Loire) volgens dezelfde strenge traditionele methode worden gemaakt. Vaak een fantastische prijs-kwaliteitverhouding.
Sekt (Duitsland & Oostenrijk): Een vaak frisse, aromatische mousserende wijn, soms gemaakt van Riesling.
Op het etiket van een mousserende wijn staat vaak aangegeven hoe zoet of droog de wijn is. Handig om te weten bij het kiezen:
Brut Nature / Zéro Dosage: Geen toegevoegde suikers, kurkdroog en loepzuiver.
Extra Brut: Zeer droog.
Brut: Droog, maar met een heel subtiel vleugje rondheid (dit is de populairste stijl).
Sec / Dry: Licht zoet.
Demi-Sec: Vrij zoet, heerlijk bij desserts.
Mousserende wijn is veel meer dan een drankje voor oudejaar of verjaardagen. Dankzij de frisse zuren en de levendige bubbels is het een geweldige begeleider bij de maaltijd. Denk aan een knisperende Cava bij tapas, een verfijnde Champagne bij schaaldieren en oesters, of een fruitige Prosecco op een zomers terras.
Kortom: er is altijd wel een reden te bedenken om te genieten van een goed glas bubbels!
Ontvang gratis onze nieuwsbrief en blijf op de hoogte!
